Afdrukken

Op een van de hete zomerse dagen van augustus heb ik me maar in de tuin gesetteld om daar aan deze column te werken. Omgeven door groen en de rijk bloeiende geraniums en andere zomerbloeiers. Ik geniet daarvan. Net als van de dagelijkse wandeling in het gebied van Engbergen bij Gendringen. De ochtendstilte vind ik het mooiste. De zon die net op is, soms een beetje dauw over de velden en koeien die grazen. Ze doen weer energie op voor een nieuwe dag. Energie opdoen, dat doe ik dan ook. Daar zijn deze weken ook voor bedoeld. Vakantietijd, vrij-zijn, afstand nemen. Het is dit jaar natuurlijk allemaal wat anders dan anders. Het coronavirus houdt geen vakantie, zo wordt ons duidelijk gemaakt. Het blijft dus voorzichtig zijn. Maar toch, we zijn even aan iets anders toe.

Het begin
Juist in deze tijd kun je net iets meer oog hebben voor andere dingen, de natuur bijvoorbeeld, Gods Schepping. Zo kan ik daar wel naar kijken. Wonderlijk hoe alles geworden is zoals het is. Wonderlijk het nieuwe leven dat mensen aan elkaar mogen doorgeven. Dat nieuwe begin is en blijft een mysterie voor ons, maar wel een om van te genieten en gelukkig van te worden.
Het is niet zonder reden dat Genesis het eerste Bijbelboek is geworden. Het woord “genesis” is Grieks voor ‘ontstaan’, ‘oorsprong’, ‘wording’. En de Joden noemen dat boek met een Hebreeuws woord ‘Beresjiet’. Dat betekent ‘in het begin’. En zo lezen we ook in het eerste vers al: “In het begin schiep God de hemel en de aarde. De aarde was nog woest en doods en duisternis lag over de oervloed, maar Gods Geest zweefde over het water”.
Genesis beschrijft o.a. het ontstaan van de aarde, de oorsprong van de mensheid, Gods begin met Adam en Eva, Gods nieuwe start met mensen na de zondvloed en Gods begin met het volk Israël.

Nieuwe kansen
Het boek Genesis laat zien dat God de mens steeds weer een nieuwe kans geeft als het misgaat. Die kansen komen natuurlijk niet uit de lucht vallen! Steeds is het weer God die het initiatief neemt en een stap naar mensen zet. Daarin zien we zoveel van Gods liefde terug.

Het begint als in Genesis 3: 8-13: als Adam en Eva gezondigd hebben verstoppen ze zich voor God, de heer. Ze schamen zich voor hun naaktheid en bedekken zich met vijgenbladeren. Maar God zoekt hen, roept: “Mens waar ben je?” en vraagt Adam wat er gebeurd is. Als ze uiteindelijk hun zonde opbiechten doet God iets heel opvallends. Hij straft ze met zwaar werk op het land. Tegelijkertijd is Hij als een zorgzame en barmhartige vader. “God maakte voor de mens en zijn vrouw kleren van dierenvellen en trok hun die aan”.

Mens waar ben je; hier ben ik!
We herkennen vast vergelijkbare situaties in ons persoonlijke leven en samenleven. Je eigen weg gaan, geen boodschap hebben aan “God noch gebod”, de ander uit het oog verliezen, anderen pijn doen. En je dan verstoppen, ervoor weglopen en je schuilhouden. Mens waar ben? Hoor je dat je geroepen wordt om je leven onder ogen te zien? Mens, met je licht en je schaduwkanten. God roept en blijft roepen, maar het is natuurlijk aan ieder van ons om te antwoorden: hier ben ik! Geloven is ten diepste een relatie aangaan met God. Hij is immers onze levensbron, het oerbegin. Hij kent ons al vanaf de moederschoot en laat nooit varen het werk van zijn handen. Christenmensen hebben een prachtig voorbeeld van omgaan met God. Jezus van Nazareth is het mooiste beeld dat we van God kennen. In Hem licht op hoe God de mens bedoeld heeft. Geloven is, dat een leven in de geest van Jezus ons dichter bij die Bron brengt. Dat is voor mij een enorme kracht en troost. Een fundament. En ik mag weten dat ik in fouten die ik maak, bij God barmhartige ontferming vindt. Zo probeer ik te antwoorden op Zijn roepstem. Door er te zijn met mijn talenten voor mijn geliefden en naasten, voor mensen met wie ik werk in samenleving en Kerk.


Geloven in God, de barmhartige Vader
Mensen die geloven en dat samen belijden in de geest van de Kerk van Jezus moeten zich nogal eens verdedigen voor het feit dat ze geloven of naar de kerk gaan. Ouderwets, die regels en die leer, ze zijn niet meer van deze tijd. Gelovige mensen komen samen, om in de eredienst God te loven, danken en te prijzen, op een plek die hen heilig is. Daar ontlenen zij kracht en bemoediging aan, waardoor ze in weerbarstige tijden het leven aankunnen.
In zoeken naar wegen van geloven en geloofsgemeenschappen voor de toekomst, gaat het om dit geloof in God, Schepper, Vader van Jezus Christus. Niet om heilige boontjes te worden. Maar wel om mens te zijn in het oerbeeld van God.
Ik wens ons aan het begin van het nieuwe werkjaar toe dat geloof onze drijfveer mag zijn en blijven in ons handelen bij het bouwen aan de Kerk van de toekomst. Mens waar ben je, doe je mee?

Diaken Cor Peters